
Kinderen in De Praktijk.
In De Praktijk komen veel jonge kinderen, maar ook pubers omdat ze regelmatig worden overspoeld door de wereld om zich heen. Er worden soms (te) hoge eisen aan kinderen gesteld. Ze gaan twijfelen aan zichzelf en soms is een enkel woord of een enkele oefening al genoeg om die twijfel te herkaderen, zodat het kind zich geen zorgen meer maakt. In De Praktijk wordt ook gewerkt met de ouders. In een sessie wordt dan samen gezocht naar meer mogelijkheden voor ouder en kind om zich prettiger te voelen. De wijze oudercursussen kunnen een hulpmiddel zijn hierbij. Ook kunnen de kinderen terecht in de speel/praatgroepen HS Kids. (Zie www.wijzemoeders.nu)
Op deze pagina lees je iets over de werkwijze in De Praktijk, je vindt hier informatie over hooggevoeligheid bij kinderen, wat tips en tools voor ouders, informatie over overprikkeling en het ontstaan ervan en je kunt de brochure voor kinderen downloaden.
Waar werken we aan?
Het vergroten van het zelfvertrouwen
Het leren eigen grenzen waar te nemen en die te bewaken (wat is van mij en wat is van de ander?)
Het leren herkennen van de eigen emoties en die van anderen
Het leren te structureren wat wordt waargenomen (veel terugbrengen naar weinig)
Positieve gedachten
Kinderen geven blijk van verhoogde gevoeligheid als ze:
Veel waarnemen, ook details
Makkelijk opgaan in wat ze waarnemen
Veel nadenken over wat ze waarnemen, dus veel in hun hoofd verwerken, omdat ze willen analyseren, willen begrijpen
Veel prikkels te verwerken hebben en meer tijd nodig hebben dan gemiddeld om te verwerken
Stoppen met nadenken omdat ze overprikkeld zijn of juist heel druk worden
Niet goed tegen veranderingen kunnen
Zich slecht kunnen concentreren
Instructies niet goed volgen omdat ze te veel denken of worden afgeleid tijdens het opnemen (bijvoorbeeld beelddenken)
Zoveel denken dat ze snel van hun doel zijn afgeleid
Erg alert zijn op hun omgeving
Een sterke voor- of afkeur hebben van bepaalde voedingsstoffen of ruige stoffen en weefsels
Makkelijk schrikken
Veel in gedachten zijn (in een andere dimensie vertoeven)
Hoe werken we in De Praktijk?
Door middel van spel en geprekken waarin uitgelegd wordt wat ze nu eigenlijk voelen en hoe dat komt en ze vervolgens te helpen toetsen of het klopt of logisch is dat ze zich zo voelen, kunnen kinderen hun emoties leren herkennen en -zo klein als ze zijn- ervaren dat ze een keuze hebben. Ze raken daardoor minder overspoeld door wat ze voelen en ervaren. Ze zijn vaak kleine sponsjes en nemen makkelijk emotionele energie uit hun omgeving op. Als ze leren herkennen wat van hun is en wat van anderen kunnen ze weer gaan stralen!
Soms is het moeilijk voor ze om zich te concentreren of volgens een bepaald stappenplan een doel te halen. Ze worden snel afgeleid door wat ze voelen en reageren voortdurend vanuit hun gevoel op de wereld om ze heen, dus ook in de klas. Meer begrip krijgen over wat ze voelen kan veel rust geven. Ook vinden ze het vaak heel leuk om allerlei trucjes te leren om zich beter te kunnen afsluiten om zich te kunnen concentreren.
NLP en RET (zie elders op deze website) zijn ook bij kinderen goed inzetbaar en worden vertaald naar het kind en gebruikt in het gesprek. We werken ook met geleide fantasie, spel en tekenen en schilderen. Ook wordt met sprookjes, verhaaltjes en metaforen gewerkt en met verschillende speelse oefeningen de linker (ratio)- en rechterhersenhelft (gevoel) met elkaar in evenwicht gebracht.
De kinderen leren zich te gronden en te ontspannen.
Voorop staat dat het kind zich veilig voelt. Ook de ouders moeten een goed gevoel hebben over de sessies. Er wordt geregeld met elkaar overlegd en bij voorkeur per telefoon of mail worden de vorderingen besproken. De sessies zijn er voor het kind.
Een kindersessie duurt uiterlijk een uur. Er zit een bepaalde opbouw in de bijeenkomsten om het gevoel van veiligheid bij het kind te waarborgen. Ook voor kinderen geldt dat gemiddeld 6 tot 10 sessies nodig zijn om een nieuw evenwicht te ervaren. Door de kindersessies krijgen de ouders vaak ook meer ruimte en gelegenheid om hun ervaringen te herkaderen. Binnen het gezin zal veelal ook een nieuw evenwicht ontstaan.
Wat is overstimulatie?
Pas vanaf ongeveer het derde of het vierde jaar begint het kind verbindingen te leggen vanuit de rechter hersenhelft naar de linker hersenhelft. Ouders en andere volwassenen spelen hierbij een grote rol. Het kind neemt vooral zintuiglijk waar. Het ziet dingen, het hoort dingen, het voelt dingen, het proeft en ruikt dingen. Maar ook op buitenzintuiglijke niveau neemt het waar. Het reageert op lichaamstaal en uitstraling en is kwetsbaar voor alle energiestempels die op hem worden gezet door de mensen om zich heen.
Als er veel wordt waargenomen omdat de zintuigen versterkt waarnemen om welke reden dan ook (er kan sprake zijn van problematiek, maar dit hoeft niet zo te zijn) dan moeten er veel zintuigelijke prikkels worden verwerkt.
Volwassenen verwerken prikkels door verbindingen te leggen tussen de linker, en rechter hersenhelft. De rechter hersenhelft neemt holistisch waar, de linkerhelft ordent en structureert die waarneming.
Kinderen zijn dit aan het leren. Dat betekent dat ze regelmatig overprikkeld kunnen zijn. Hun lichaam vertaalt die overprikkeling omdat het autonome zenuwstelsel het lichaam signalen geeft, er wordt cortisol en adrenaline aangemaakt en het lijf komt in een vecht- en vluchthouding. Er zit een bommetje in hun lijf en dat moet er uit. Soms door een woedeuitbarsting, soms door heel erg naar binnen te keren, soms door heel druk te worden of een enorme huilbui te krijgen. Kinderen hebben namelijk de woorden nog niet om hun overprikkeling aan te geven en nog niet de mogelijkheden om die te voorkomen of te veranderen.
Grofweg gezegd kunnen we op dit moment aannemen dat we van ons nulde tot ons twintigste leren met alle prikkels om te gaan. Elke gebeurtenis levert prikkels op. Prikkels leveren gevoelens op. Over deze gevoelens gaan kinderen allerlei gedachten krijgen. Vaak kloppen hun gedachten niet met de werkelijkheid. De ouder kan het kind helpen te ordenen door prikkels te verminderen of door vragen te stellen: Wat zou je liever willen? Wat kun je beter doen of denken? Wat levert een voordeel op voor jou en de ander? Waar ga je mee beginnen? Hoe weet je dat het aan het veranderen is?
Informatie voor het kind
Download hier de folder voor kinderen of vraag deze aan via info@de-praktijk.org